Arrest 111/2023

Datum van uitspraak
20/07/2023
ECLI
ECLI:BE:GHCC:2023:ARR.111
Rolnummers
7429, 7443
Beschikkend gedeelte
- Vernietiging (artikel 11/6, § 1, eerste lid, 1°, van het Vlaamse decreet van 21 juni 2013 « betreffende de administratieve samenwerking op het gebied van belastingen », zoals het werd ingevoegd bij artikel 14 van het Vlaamse decreet van 26 juni 2020, in zoverre het een advocaat die optreedt als intermediair verplicht om een andere intermediair die niet zijn cliënt is, te informeren) - Vernietiging (artikel 11/6, § 3, van hetzelfde decreet van 21 juni 2013, zoals het werd ingevoegd bij artikel 14 van hetzelfde decreet van 26 juni 2020, in zoverre het bepaalt dat een advocaat die optreedt als intermediair zich niet kan beroepen op het beroepsgeheim ten aanzien van de verplichting tot periodieke melding van marktklare constructies in de zin van artikel 11/4 van het voormelde decreet van 21 juni 2013) - Uitspraak aangehouden over de grieven die zijn vermeld in B.7.2, B.17.1, B.18.1, B.19.1 en B.20.1, in afwachting van het antwoord van het Hof van Justitie van de Europese Unie op de prejudiciële vragen die zijn gesteld bij het arrest nr. 103/2022 van 15 september 2022 (ECLI:BE:GHCC:2022:ARR.103) - Verwerping van de beroepen voor het overige
Trefwoorden
Fiscale transparantie binnen de Europese Unie - Vlaams Gewest - Agressieve grensoverschrijdende fiscale constructies - Meldingsplicht - Intermediairs - Advocaten - Beroepsgeheim
Lees het arrest (PDF)