- Schending (artikel 61, § 1, tweede lid, van het decreet van 27 maart 1991, in die zin geïnterpreteerd dat voor het opleggen van een tuchtmaatregel ten aanzien van een leraar levensbeschouwelijk onderricht in een instelling van het Gemeenschapsonderwijs de instemming van de bevoegde instantie van de betrokken godsdienst of de niet-confessionele zedenleer is vereist, zonder dat de raad van bestuur van de scholengroep en, in voorkomend geval, de kamer van beroep van het Gemeenschapsonderwijs, en vervolgens de Raad van State, controle kunnen uitoefenen op de beslissing van de bevoegde instantie van de betrokken godsdienst of de niet-confessionele zedenleer)
- Geen schending (artikel 61, § 1, tweede lid, van het decreet van 27 maart 1991, in die zin geïnterpreteerd dat in zodanig geval de raad van bestuur van de scholengroep en, in voorkomend geval, de kamer van beroep van het Gemeenschapsonderwijs, en vervolgens de Raad van State, de in B.16.2 aangegeven controle kunnen uitoefenen)