- De eerste, de tweede, de derde en de vierde prejudiciële vraag zijn niet ontvankelijk
- Geen schending (artikel 29, derde lid, van het Wetboek van strafvordering)
- Geen schending (artikel 70, §§ 1 en 2, van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde)
- Geen schending (artikel 70, § 1, van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde)