1. Vernietiging (in de wet van 15 december 1980 « betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen », zoals gewijzigd bij de wet van 21 november 2017 en bij de wet van 17 december 2017 :
- artikel 48/6, § 2, eerste en vierde lid
- in artikel 57/5quater, § 4, de verwijzing naar artikel 57/6, § 2, en de verwijzing naar artikel 57/6, § 3, in zoverre zij betrekking heeft op de beslissingen inzake ontvankelijkheid die niet worden genomen in het kader van de grensprocedure bedoeld in artikel 57/6/4
- artikel 57/6/1, § 1, maar enkel in zoverre het van toepassing kan zijn op een niet-begeleide minderjarige vreemdeling in andere gevallen dan die welke worden beoogd in artikel 25, lid 6, a), van de richtlijn 2013/32/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 « betreffende gemeenschappelijke procedures voor de toekenning en intrekking van de internationale bescherming (herschikking) »
- artikel 57/6/1, § 1, eerste lid, f), maar alleen in zoverre het toelaat de versnelde procedure toe te passen in het geval de verzoeker een volgend verzoek om internationale bescherming heeft ingediend nadat ten aanzien van het eerste verzoek een beslissing tot beëindiging werd genomen met toepassing van artikel 57/6/5, § 1, 1°, 2°, 3°, 4° of 5°, van de voormelde wet van 15 december 1980
- in artikel 57/6/4, derde lid, de woorden « ontvangst van » en « dat door de minister of zijn gemachtigde werd overgezonden »
- artikel 57/7, § 3, in zoverre het de mogelijkheid voor de Commissaris-generaal voor de Vluchtelingen en Staatlozen om bepaalde elementen vertrouwelijk te houden niet beperkt tot de gevallen waarin « de openbaarmaking van informatie of bronnen de nationale veiligheid, de veiligheid van de organisaties of personen die de informatie hebben verstrekt dan wel de veiligheid van de perso(o)n(en) op wie de informatie betrekking heeft, in gevaar zou brengen, of wanneer het belang van het onderzoek in verband met de behandeling van verzoeken om internationale bescherming door de bevoegde autoriteiten van de lidstaten of de internationale betrekkingen van de lidstaten zouden worden geschaad »
- in artikel 74/5, § 4, 5°, de woorden « ontvangst van » en « dat door de minister of zijn gemachtigde werd overgezonden »)
2. Verwerping van de beroepen voor het overige (onder voorbehoud van de in B.33.3 vermelde interpretatie)
Trefwoorden
Vreemdelingenrecht - Internationale bescherming - Procedure - Omzetting van Europese richtlijnen - Uitsluiting van strafrechtelijke vervolging tegen erkende vluchtelingen wegens hun onregelmatige binnenkomst of hun onregelmatig verblijf - Het maken van een gezichtsopname van bepaalde vreemdelingen - Verplichting tot samenwerking die wordt opgelegd aan de verzoeker om internationale bescherming - Organisatie van een medisch onderzoek - Bijzondere procedurele noden - Keuze van de proceduretaal met betrekking tot een volgend verzoek - Mededeling van opmerkingen met betrekking tot de notities van het persoonlijk onderhoud - Vertrouwelijkheid van bepaalde gegevens - Overlijden van de verzoeker om internationale bescherming - Begrip « veilig derde land » - Toepassing van de versnelde procedure - Vrijwillige terugkeer naar het land van herkomst - Toelaatbaarheid van elementen die in het kader van een volgend verzoek te laat zijn overgelegd - Risico op onderduiken van de vreemdeling - Vasthouden van de verzoeker om internationale bescherming - Wijziging van de omstandigheden die de bewaring verantwoorden - Beperking van het recht op materiële hulp - Inkorting van de beroepstermijnen - Opschortend karakter van het beroep