- Geen schending (artikel 2, 2°, van de wet van 5 mei 2014, artikel 21, 3°, van de wet van 10 augustus 2015 en de artikelen 21ter en 21quater van het koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967, in zoverre zij de leeftijdsvoorwaarde voor de toekenning van een overlevingspensioen, die moet zijn vervuld op het ogenblik van het overlijden van de vooroverleden echtgenoot, verhogen van 45 jaar tot 50 jaar en de afwijking van de leeftijdsvoorwaarde in het geval dat de langstlevende echtgenoot een kind ten laste heeft afschaffen)
- Geen schending (dezelfde bepalingen, in zoverre zij voor de in B.25.2 bedoelde categorie van personen de duur van de periode van toekenning van de tijdelijke overgangsuitkering beperken tot 24 maanden, en dat ongeacht de leeftijd van het kind)
- Schending (dezelfde bepalingen, in zoverre zij voor de in B.25.2 bedoelde categorie van personen de duur van de periode van toekenning van de tijdelijke overgangsuitkering beperken tot 24 maanden, en dat ongeacht de leeftijd van het kind)
Trefwoorden
Sociaal recht - Sociale zekerheid - Overlevingspensioen - Hervormingen - 1. Minimumleeftijd - 2. Afschaffing van de afwijking van de leeftijdsvoorwaarde in het geval van een kind ten laste - 3. Duur van de periode van toekenning van de tijdelijke overgangsuitkering